Blogs

Maak je niet dik?

Als kind was ik lang, dun en mager. Of zoals we anno 2015 zeggen: “skinny”. Schijnt iets te maken te hebben met te vroeg geboren worden. Dan zie je vaker dat kinderen “achter de trendlijn aanlopen”, zoals ze dat zo mooi weten te brengen op het consultatiebureau. Alsof het erg is om zo af en toe eens af te wijken van de grote grijze massa….

Op de basisschool was dat prima. Op de middelbare school werd mijn “skinny-ness” al een beetje een dingetje. Mijn moeder moest eens op gesprek komen bij de biologie lerares. Ja inderdaad zo’n prototype geiten-wollen-sok-type met grijze haren die ons met pictogrammen, pessariums en condooms uitlegde hoe de bloemetjes en de bijtjes werkten. “Of Chantal toevallig geen anorexia had, want ik was wel erg dun?” Toevallig was er inderdaad net een meisje uit mijn jaar wat een eetstoornis had ontwikkeld. Heel triest natuurlijk (en met dat meisje is gelukkig alles weer goed gekomen), maar waarom moeten dat soort dingen direct geprojecteerd worden op anderen? Awareness is één ding, obsessiviteit een tweede.

Na een kortstondige carrière in de Miss verkiezingen belandde ik in het studentenleven: wijntje hier, lunchen daar, studentendinertje op de sociëteit en vooral: heel veel ongezond eten. Ik werd nooit meer aangesproken op mijn skinny voorkomen. Niet zo gek, want dat was ik ook niet meer. Toen ik uiteindelijk ging samenwonen én ging werken schoot het helemaal op: zelf bepalen wat je eet (alleen maar lekkere dingen), altijd een lekkere koek of een saucijzenbroodje bij de koffie op het werk en elke avond hapjes en drankjes. Ik werd ronder en ronder en er kwam steeds meer van mij bij. Ik sportte nooit, want dat vond ik stom. Ik vond het zelf eigenlijk wel mooi die ronde vormen: meer borsten, meer billen, meer heuppartij. Al moest ik wel even fronsen toen ik een keer mijn borsten op liet meten in de plaatselijke Hunkemöller en de cupmaat inmiddels richting dubbel D ging….

Miss verkiezing (2004)
Miss verkiezing (2004)

Zelden heb ik me vrouwelijker gevoeld als toen ik zwanger was van Fabian. Ik hoef niet uit te leggen dat ik ook zelden zoveel kilo’s woog als in die periode. Maar ik voelde me op en top vrouw. En iedereen vond me mooi, ook al had ik zwangerschapspukkels, striemen en vette haren door de hormonen. Wat een shock was het dus toen ik eenmaal uit die zwangerschaproes kwam: je lichaam is niet meer dat wat het was. Alles lijkt zich op andere plekken dan voorheen te manifesteren en regelmatig kreeg ik dan ook felicitaties omdat iedereen dacht dat ik alweer zwanger was van een tweede. Maar ook dat trekt dan weer recht, uiteindelijk. En nog steeds voelde ik me prima. Natuurlijk zag ik dat ik wat voller was. Ik was niet mager meer, maar volslank. Natuurlijk dacht ik nog weleens met weemoed aan mijn überslanke lichaam van toen ik 18 was, maar ja; je blijft nu eenmaal geen 18 en ik vond het prima. Mijn omgeving was echter minder mild voor mijn nieuwe figuur dan tijdens mijn zwangerschap: “jeetje, jij was toch vroeger hartstikke dun? Nou daar zie je nu niets meer van hoor!”, of: “Nou, ik denk dat je nu niet meer zo snel aan een Miss verkiezing mee gaat doen hè hahahaha (= gemeen klinkend lachje)” of het mildere “het goede leven staat je goed meid, met je lekkere dikke koppie”.

Zwanger (2009)
Zwanger (2009)

Toen ik de 30 gepasseerd was en aan de vooravond van mijn 31e verjaardag merkte dat ik amper een kwartier kon voetballen met mijn peuter, op mijn werk al hijgend en puffend bovenkwam na twee trappen en gewoon last had van algehele malaise besloot ik het roer om te gooien en gezonder te worden. Dat begon met een keer per week sporten en kletsen. Dat werd; steeds vaker sporten, verslaafd raken aan XCOre, geraffineerde suikers schrappen en verdiepen in gezond versus ongezond eten. En inmiddels, nu twee jaar later, is dat proces op zijn hoogtepunt met een conditie die goed op orde is en een lichaam wat getraind is en goed (strak!) in zijn velletje zit. En ja… dat is dus 15 kilo minder Chantal dan twee jaar geleden. En dat is wat mij betreft helemaal prima. Ik heb mijn doel bereikt: ik ben fitter, gezonder en ik zit in het algemeen beter in mijn vel. Ik vond mezelf prima met mijn rondingen. Maar ik voel me nu beter: mentaal en fysiek.

Nu (2015)
Nu (2015)

En nu ik (weer) in maatje 36 pas, zijn de opmerkingen wederom niet van de lucht. Soms positief (vooral van mannen), maar vaak ook negatief en niet zo’n klein beetje: “wat zie je er slecht uit”, “ik schrik ervan, ben je ernstig ziek”, “je krijgt een oude kop nu je zo mager wordt (op zich niet raar: ik word ook gewoon elke dag een beetje ouder) “er blijft niks van je over”, “heroïne chic is al een tijdje uit de mode hoor” of mijn persoonlijk favoriet: “vroeger had je zo’n mooie voorgevel” (gezegd door een man; uiteraard).

Dagelijks ontvang ik vast goedbedoelde adviezen over mijn gewicht, de inhoud van mijn lunchtrommel, de hoeveelheid fruit die ik eet. Meerdere keren per dag wordt getracht om me bij te voeden met chocola, koekjes of andere suikers. Lieve collega’s, verre buren en buitenlui; ik waardeer jullie bezorgdheid (mits oprecht!), maar ik voel me goed. Ik accepteer mezelf, maar ook jullie precies zoals jullie zijn. Eet dat broodje kroket tijdens de lunch of niet. Neem een Snickers bij de thee of niet. Wees lekker te dik, te dun, precies goed, volslank, skinny, Rubens figuur of wat dan ook. Ik vind het allemaal prima, echt waar. Mij zul je geen commentaar horen geven, tenzij je er expliciet om vraagt. Maar laat mij dan ook gewoon lekker mezelf zijn. Met 15 kilo minder en mijn maatje 36. Met mijn maaltijdsalade, mijn gevulde fruitboxje en mijn eigengemaakte mueslirepen. Van binnen ben ik gewoon nog steeds mezelf: fanatiek en eigenwijs. Dus denk je dat ik ga luisteren?…. Ho maar! 🙂

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.